Door de coronacrisis zijn gezinnen meer op elkaar aangewezen. Als er stress is bij een van de gezinsleden, heeft dat direct invloed op iedereen in het gezin en de sfeer in huis. De spanning in huis kan dan erg toenemen. Er is extra risico als een of meerdere mensen in het gezin al vóór de coronacrisis last had van mentale problemen.

Veranderingen bij gezinnen door de coronacrisis

Het is lastig om de sfeer positief te houden als de situatie in een gezin is veranderd door de coronamaatregelen. Frustratie en irritatie nemen gemakkelijk toe en oplossingen lijken soms ver weg.

Redenen waardoor een gezin in de knel kan raken:

  • Financiële problemen.
  • Minder steun of sociale contacten van buren, vrienden of familie.
  • Minder mogelijkheden om te ontspannen door de aangepaste regels bij sporten en verenigingen.
  • Combineren van de zorgtaken en thuiswerk of een andere werksituatie.
  • Het wegvallen van structuur in het dagritme.
  • Veel en dicht op elkaar zitten, soms in kleine ruimtes en huizen.
  • Gedrag van (kleine) kinderen, zoals verveling.
  • De zorg voor kinderen met een beperking en het wegvallen van hun dagbesteding kan in deze periode extra zwaar zijn.

 Wat kan ik doen om een gezin te helpen?

  • Als je vermoedt dat er problemen of spanningen in het gezin zijn, kun je altijd vragen of het goed gaat en of je iets voor het gezin, de kinderen of de ouders kunt doen. Als de ouders, verzorgers of kinderen aangeven dat het goed gaat, maar je blijft je toch zorgen maken dan is het goed om contact te houden en regelmatig je hulp aan te bieden.  
  • Als je je zorgen maakt over de veiligheid van een kind of geweld in huis , bel dan het meldpunt Veilig Thuis: 0800 2000 en bespreek dit met een adviseur. Of ga naar Veilig Thuis voor meer informatie.
  • Als de problemen wel openlijk bespreekbaar zijn, kun je in overleg met de ouders of verzorgers hulp inschakelen van bekende en vertrouwde professional, zoals een docent, begeleider of behandelaar. Of biedt zelf hulp aan. 
  • Probeer te achterhalen of ieder kind, naast de ouder/opvoeder, nog een vertrouwd persoon heeft of nodig heeft. Zodat je weet dat een kind altijd met iemand kan praten.
  • Houd regelmatig contact met de ouders: Vraag hoe het gaat door even langs te gaan of regelmatig te bellen of een appje te sturen. Zo houd je een vinger aan de pols. 

Verdere hulp en informatie

Kijk ook op de pagina ‘In gesprek met jongeren’ over het naleven van de coronamaatregelen.