Hoe meer stress je hebt, hoe lastiger het is om de waarschuwingstekens van je lichaam te voelen en beoordelen. Daarom is het belangrijk om goed op elkaar te letten. Iemand anders merkt veranderingen in je gedrag vaak eerder op dan jijzelf. Hetzelfde geldt natuurlijk ook andersom. Misschien merk jij iets aan je collega waar hij of zij zich nog niet bewust van was.

Je kan in coronatijd minder goed zien dat het niet goed gaat met een collega. Als je wel een verandering opmerkt bij de ander, kan je hierover een gesprek beginnen. Dat kan ook via videobellen. Praten over spanning en stress helpt je collega.

Waar kan je op letten bij je collega?

  • Heel alert zijn en zich zenuwachtig gedragen
  • Prikkelbaar, kortaf of geïrriteerd reageren 
  • Onverschillig of lacherig doen 
  • Snel overstuur raken of erg emotioneel reageren 
  • Moeite hebben met concentreren
  • Dingen uit de weg gaan
  • Veranderde stemming, bijvoorbeeld somber zijn, zich terugtrekken, stiller zijn dan anders
  • Gevoelens van schaamte of schuld
  • Zich veel zorgen maken 
  • Slechte persoonlijke verzorging
  • Te veel of te weinig eten, meer alcohol drinken of drugs gebruiken 

Wat kan ik doen voor mijn collega?

  • Laat zien dat je betrokken bent door regelmatig contact op te nemen.
  • Geef je collega de ruimte om stoom af te blazen en zijn of haar hart te luchten.
  • Leg uit dat stress en spanning normale reacties op een abnormale gebeurtenis zijn. Vertel dat de klachten meestal vanzelf overgaan. 
  • Stel je collega de volgende vragen. Wat helpt je om hiermee om te gaan? Hoe ontspan je normaal gesproken? Welke afleiding helpt je? Met wie kan je praten?
  • Bespreek je bezorgdheid altijd met je collega zelf. Besluit altijd alleen in overleg met je collega om extra hulp in te schakelen. Dat kan via je leidinggevende of de bedrijfsarts.